INHOUD
  1. Graven van Holland

  2. Graafschap in Oost-Friesland

  3. Lijst van koningen der Nederlanden

  4. Geschiedenis van het Nederlands vorstenhuis

    1. Willem I der Nederlanden

    2. Willem II der Nederlanden

    3. Willem III der Nederlanden

    4. Wilhelmina der Nederlanden

    5. Juliana der Nederlanden

    6. Beatrix der Nederlanden

    7. Willem-Alexander der Nederlanden

Graven van Holland

Floris II was de eerste graaf die zich graaf "van Holland" mocht noemen, daarvoor werden zij 'Friese graven' (comes Fresonum) genoemd. Het graafschap Holland is gesticht door Floris II van Holland. Zijn voorouders waren wel graven, maar van graafschappen in West-Frisia.

GRAAF PERIODE Opmerkingen:
885-1299 HUIS HOLLAND (Gerulfingen)
Gerulf ca. 885- ca. 889
Dirk I ca. 916- ca. 928 Zoon van Gerulf.
Dirk II ca. 970-988 Zoon van Dirk I.
Arnulf van Gent 988-993 Zoon van Dirk II.
Dirk III 993-1039 Zoon van Arnulf van Gent.
- Lutgardis van Luxemburg 993-1005 Regentes en moeder van Dirk III.
Dirk IV 1039-1049 Zoon van Dirk III.
Floris I 1049-1061 Broer van Dirk IV.
Dirk V 1061-1091 Zoon van Floris I.
- Geertruida van Saksen 1061-1063 Regentes en moeder van Dirk V.
- Robrecht de Fries 1063-1070 Regent en tweede echtgenoot van Geertruida van Saksen.
Floris II van Holland 1091-1122 Zoon van Dirk V.
Dirk VI van Holland 1122-1129 Zoon van Floris II, graaf van Holland
- Petronilla (Geertruida) van Saksen 1122-1130 Regentes en moeder van Dirk VI van Holland.
Floris de Zwarte 1129-1131 Tweede zoon van Petronilla (Geertruida) van Saksen, graaf na opstand tegen zijn broer Dirk VI van Holland.
Dirk VI van Holland 1131-1157
Floris III van Holland 1157-1190 Zoon van Dirk VI van Holland.
Dirk VII van Holland 1190-1203 Zoon van Floris III van Holland.
Ada van Holland 1203-1213 Dochter van Dirk VII van Holland; alleen in naam gravin.
Willem I van Holland 1203-1222 Broer van Dirk VII van Holland.
Floris IV van Holland 1222-1234 Zoon van Willem I van Holland.
Willem II van Holland 1234-1256 Zoon van Floris IV van Holland; + Rooms koning (1248-1256).
? Regent en oom: Willem.
? Regent en oom: Otto, bisschop van Utrecht.
Floris V van Holland 1256-1296 Zoon van Willem II van Holland.
? Regent en oom: Floris de Voogd.
Jan I van Holland 1296-1299 Zoon van Floris V van Holland.
- Jan van Renesse 1296-1297 Regent van Jan I van Holland.
- Wolfert I van Borselen 1297-1299 Regent van Jan I van Holland.
- Jan II van Avesnes 1299-1299 Regent van Jan I van Holland.
1299-1351 HUIS AVESNES (Henegouwse huis)
Jan II van Avesnes 1299-1304 Kleinzoon van Floris IV van Holland; + graaf van Henegouwen.
Willem III de Goede 1304-1337 Zoon van Jan II van Avesnes; + graaf van Henegouwen.
Willem IV van Holland 1337-1345 Zoon van Willem III de Goede; + graaf van Henegouwen.
Margaretha II van Henegouwen 1345-1354 Zuster van Willem IV van Holland; + gravin van Henegouwen.
1354-1433 HUIS WITTELSBACH (Beierse huis)
Willem V van Beieren 1349-1358 Zoon van Margaretha van Henegouwen; + graaf van Henegouwen en hertog van Beieren-Straubing.
Albrecht van Beieren 1358-1404 Broer van Willem V van Beieren; + graaf van Henegouwen en hertog van Beieren-Straubing.
Willem VI van Oostervant 1404-1417 Zoon van Albrecht van Beieren; + graaf van Henegouwen en hertog van Beieren-Straubing.
Jacoba van Beieren 1417-1433 Dochter van Willem VI van Oostervant; + gravin van Henegouwen.
1418-1425 Jan III: door keizer Sigismund aangewezen
1428 Jacoba moest (de Zoen van Delft) haar gewesten afdragen aan de Bourgondiërs
1433-1482 HUIS VALOIS (Bourgondische huis)
Filips de Goede 1433-1467
Karel de Stoute 1467-1477 Zoon van Filips de Goede.
Maria van Bourgondië 1477-1482 Dochter van Karel de Stoute.
1482-1581 HUIS HABSBURG
Filips de Schone 1482-1506 Zoon van Maria van Bourgondië.
- Maximiliaan van Oostenrijk 1482-1494 Regent en vader van Filips de Schone.
Karel V 1506-1555 Zoon van Filips de Schone.
- Maximiliaan van Oostenrijk 1506-1515 Regent en grootvader van Karel V.
Filips II van Spanje 1555-1581 Zoon van Karel V; afgezet, zie Plakkaat van Verlatinghe
Filips II van Spanje 1581-1598 de jure,[bron?] na afzetting
Filips III van Spanje 1598-1621 de jure, zoon van Filips II van Spanje.
Filips IV van Spanje 1621-1648 de jure, zoon van Filips III van Spanje.
In 1648 erkende Filips IV de Republiek der Verenigde Nederlanden

De graven van Holland van Gerulf van West-Frisia tot Filips IV van Spanje ( in 1648 erkende Filips IV de Republiek der Verenigde Nederlanden ).

Graafschap in Oost-Friesland

GEEN FOTO

Oost-Friesland volgens de historische en culturele afbakening, met de belangrijkste steden.

Friesland is historisch de aanduiding voor het kustgebied van het huidige Nederland van het Zwin tot en met de Weser in het huidige Duitsland. Vanaf ongeveer 1500 wordt Friesland in een Nederlandse context vooral de aanduiding voor de huidige provincie Friesland.

De Lijst van heersers van Oost-Friesland bevat de chronologische volgorde van de heersers van Oost-Friesland vanaf de oprichting van het graafschap in 1464 tot aan het uitsterven van het regerende huis Cirksena in 1744.

De graven van Oost-Friesland van Ulrich I van Oost-Friesland ( de eerste graaf van Oost-Friesland ) tot Karel Edzard Van Oost-Friesland ( de laatste prins van Oost-Friesland ). Hun Genealogie vindt u in het volgend rapport :

Lijst van koningen der Nederlanden

De eerste Koning der Nederlanden was Willem I, zoon van stadhouder Willem V. Hij regeerde over het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden vanaf de oprichting in 1815 tot de onafhankelijkheid van het Koninkrijk België in 1830 (zelf erkende hij de onafhankelijkheid van België pas in 1839) en bleef Koning der Nederlanden tot 1840.

De koningen van het Koninkrijk der Nederlanden zijn grondwettelijk de wettige opvolgers van bovengenoemde Willem I, prins van Oranje-Nassau. Ook vrouwelijke staatshoofden worden grondwettelijk aangeduid met de titel Koning (niet: Koningin). Daarmee zijn de volgende personen Koning der Nederlanden geweest:

Officieel is de naam van het Nederlandse regerende Huis steeds Oranje-Nassau geweest, maar genealogisch gezien behoort koningin Juliana tot het Huis Mecklenburg door haar vader en prinses Beatrix tot het Huis Lippe door haar vader. De huidige koning Willem-Alexander behoort in feite tot het Huis Amsberg.

Naam Regeringsperiode Einde Regeringsperiode Dynastie
Willem I in kroningsmantel.jpg Willem I
Willem Frederik van Oranje-Nassau
1815 - 1840 Afgetreden Oranje-Nassau
Lodewijk I Bonaparte regeerde over Koninkrijk Holland. Vanaf 1813 was Willem Frederik de Soeverein vorst van het Soeverein Vorstendom der Verenigde Nederlanden. Maar hij nam in 1815 de titel koning aan. Hij staat vooral bekend als de koning die zich hevig verzette tegen de Belgische Revolutie. Maar hij kreeg ook de bijnaam Koning-Koopman, vanwege zijn drang tot vernieuwing in het land (zoals spoorwegen, kanalen etc.). Hij huwde Wilhelmina van Pruisen, dochter van koning Frederik Willem II en zus van koning Frederik Willem III. Hij trad af in 1840 op 68-jarige leeftijd en overleed 3 jaar later in Berlijn.
King Willem II.jpg Willem II
Willem Frederik George Lodewijk
1840 - 1849 Overleden Oranje-Nassau
Was de oudste zoon van Willem I. Werd binnen de familie Guillot genoemd. Hij kende een roerige jeugd. Hij nam als Engels generaal deel aan de Slag bij Waterloo, waaruit hij lichtgewond, en in de ogen van sommigen zelfs als de "held van Waterloo", terugkwam. Hij maakte plannen om koning Lodewijk XVIII van Frankrijk op te volgen. Deze plannen kwamen echter aan het licht. Hij volgde zijn vader in 1840 op als koning. Het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden was toen al veranderd in het Koninkrijk der Nederlanden. Hij huwde grootvorstin Anna Paulowna van Rusland, zus van tsaar Alexander I en zus van tsaar Nicolaas I. Vrij plotseling overleed Willem II in 1849 op 56-jarige leeftijd en werd opgevolgd door Willem III. Onder zijn regering werd Nederland een constitutionele monarchie.
Portrait of King Willem III of the Netherlands, Nicolaas Pieneman (1856).jpg Willem III
Willem Alexander Paul Frederik Lodewijk
1849 - 1890 Overleden Oranje-Nassau
Was de oudste zoon van Willem II. Hij trad in het huwelijk met zijn volle nicht prinses Sophie van Württemberg, een dochter van koning Willem I van Württemberg en koningin Catharina Paulowna. Catharina was een oudere zus van Willems moeder, Anna. Na de dood van Sophie in 1877 huwde Willem in 1879 met prinses Emma van Waldeck-Pyrmont, dochter van vorst George Victor. Willem III staat vooral bekend om zijn vreemde manier van doen en laten. Later werd hij ook wel bekend als Koning Gorilla. Hij had grote moeite met de beperking van de koninklijke macht zoals deze onder het bewind van zijn vader in 1848 met de grondwetswijziging van Thorbecke tot stand was gekomen. Hij overleed in 1890 op 73-jarige leeftijd.
Wilhelmina1898.jpg Wilhelmina
Wilhelmina Helena Pauline Maria
1890 - 1948
1890 - 1898: Emma als regentes
Afgetreden Oranje-Nassau
Was de enige dochter van Willem III en Emma. Toen haar vader in 1890 overleed was zij nog maar 10 jaar jong. Haar moeder werd tot 1898 koningin-regentes in naam van Wilhelmina. Tot nu toe is Wilhelmina het langst regerende Nederlandse staatshoofd. Zij volgde haar vader op omdat diens zonen (Willem, Maurits en Alexander) allen stierven vóór hun vader. Zij huwde Prins Hendrik van Mecklenburg-Schwerin, jongste zoon van groothertog Frederik Frans II. Na een aantal onzekere jaren werd er in 1909 een dochter geboren. Wilhelmina regeerde Nederland tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog. Juliana werd in 1947 en 1948 prinses-regentes van Nederland. Wilhelmina nam uiteindelijk op 4 september 1948 afstand van de troon. Ze overleed te Apeldoorn in 1962 op 82-jarige leeftijd.
Staatsieportret Koningin Juliana voor gemeente Best.jpg Juliana
Juliana Louise Emma Marie Wilhelmina
1948 - 1980 Afgetreden Oranje-Nassau
Mecklenburg-Schwerin
De lang verwachte dochter van koningin Wilhelmina. Indien zij niet was geboren, dan was de troon overgegaan op het huis Saksen-Weimar-Eisenach, die familie is van de Oranjes via prinses Sophie, enige dochter van Willem II. Juliana werd koningin in 1948. Tijdens haar regering kreeg de monarchie de bijnaam "fietsende monarchie", ze werd zeer populair. Juliana had in de 32 jaar van haar koningschap te maken met in totaal tien verschillende premiers. Onder Piet de Jong werd het wekelijkse spreekuur tussen staatshoofd en regeringsleider ingesteld. Zij bleek daarbij zeer geïnteresseerd in maatschappelijke vraagstukken, meer dan in financieel-economische en defensiekwesties. Op haar 71e verjaardag deed ze afstand van de regering in 1980 ten voordele van haar oudste dochter Beatrix. Ze overleed in 2004 op 94-jarige leeftijd.
Beatriz dos Países Baixos.jpg Beatrix
Beatrix Wilhelmina Armgard
1980 - 2013 Afgetreden Oranje-Nassau
Lippe-Biesterfeld
De oudste dochter van Juliana. Zij huwde Claus van Amsberg, dit werd niet door iedereen toegejuicht, vanwege het dubieuze verleden van Claus tijdens de Tweede Wereldoorlog. Uit dit huwelijk werden drie jongens geboren: Willem-Alexander, Friso en Constantijn. Beatrix stond bekend om haar afstandelijke regering, in vergelijking met haar moeder. Maar toch werd zij over het algemeen geroemd om haar professionele regering. Zij was bij een groot deel van de bevolking zeer populair. Ze deed afstand van de regering in 2013.
Willem-Alexander Wiesbaden Kurhaus portrait.jpg Willem-Alexander
Willem-Alexander Claus George Ferdinand
2013 - heden Oranje-Nassau
Amsberg
De oudste zoon van Beatrix. Hij huwde Máxima Zorreguieta. Uit het huwelijk werden drie dochters geboren: Amalia, Alexia en Ariane.

Geschiedenis van het Nederlands vorstenhuis

Ontstaan van het huis van Oranje-Naussau

Het Huis Oranje-Nassau komt voort uit het Huis Nassau uit Duitsland. Het Huis Oranje-Nassau ontstond in 1544. Willem I, graaf van Nassau-Dillenburg (1533-1584), ook wel bekend als Willem van Oranje of Willem de Zwijger, erfde toen het vorstendom Orange in Zuid-Frankrijk van zijn neef René van Chalon. Daar hoorde ook de titel Prins van Oranje bij. In de 18e eeuw stierf de tak van Willem van Oranje echter uit, doordat stadhouder Willem III kinderloos stierf. De nazaten van de broer van Willem van Oranje, Willem Jan VI van Nassau-Dillenburg zetten de lijn van het huis Oranje-Nassau toen voort. Dus sinds die tijd stammen de leden van het koningshuis niet meer via de mannelijke lijn af van Willem van Oranje.

De moeder van Willem van Oranje, Juliana Van Stolberg was de STAMMOEDER van verschillende Europese vorstenhuizen. Al haar nakomelingen vindt u in het volgend parenteel :




Eerste koning van Nederland

De monarchie zoals wij die nu kennen heeft nog een andere kronkel gemaakt. Het fenomeen van de monarchie in Nederland ontstond namelijk in de tijd van Napoleon Bonaparte. Van 1795 tot 1813 was Nederland een vazalstaat van Frankrijk, de Frans-Bataafse tijd. Erfstadhouder Willem IV van Oranje Nassau was na de bezetting door de legers van Napoleon naar Engeland gevlucht. De noordelijke Nederlanden werden vanaf 1801 het Bataafs Gemenebest genoemd. Zij sloten op 24 mei 1806 een verdrag met de minister van Buitenlandse zaken van Napoleon, Talleyrand, waarin werd besloten om een erfelijke monarchie in te voeren. Napoleon stelde daarop in 1806 zijn broer, Lodewijk Napoleon, aan als koning van Holland. Nederland werd hiermee een constitutionele monarchie. Maar dat zou niet lang duren. Lodewijk Napoleon werd populair in de Nederlanden en Napoleon was van mening dat hij de Franse belangen liet ondersneeuwen. Hij werd afgezet. De Nederlanden werden toen een onderdeel van Frankrijk in het Eerste Franse keizerrijk. Na de val van Napoleon bleef Nederland achter zonder bestuur.

Van soeverein vorst naar koning der Nederlanden

Engeland had een antwoord klaar. Zij wilden van Nederland een bufferstaat maken tegen Frankrijk. De Britse minister Castlereagh kwam met het plan de monarchie terug te brengen en daarmee een versterkt land te creëren, uitgebreid met de Zuidelijke Nederlanden. In 1813 werd Willem Frederik uit het huis Oranje-Nassau, zoon van erfstadhouder Willem V, door de Britten voorzien van de titel soeverein vorst der Verenigde Nederlanden. Op 2 december 1813 aanvaarde Willem deze titel. Het voornemen tot het stichten van een nieuw koninkrijk werd op 9 maart 1814 in het verdrag van Chaumont vastgelegd. Op 16 maart 1815 benoemde Willem zichzelf zelfs tot Willem I, koning der Nederlanden.

geen foto GEEN FOTO GEEN FOTO GEEN FOTO GEEN FOTO GEEN FOTO GEEN FOTO GEEN FOTO

Willem I der Nederlanden.

Willem I der Nederlanden Op jonge leeftijd lijkt Willem Frederik al voorbestemd om als stadhouder over de Nederlandse Republiek te regeren. De Bataafse Revolutie komt even tussenbeide, maar na de val van Napoleon wordt Willem I alsnog aangesteld als eerste koning der Nederlanden. De ‘koopman-koning’ ontpopt zich vervolgens als een daadkrachtig vorst die flink investeert, maar die ook te maken krijgt met opstandige onderdanen. Willem I werd op 24 augustus 1772 geboren onder de naam ‘Willem Frederik Prins van Oranje-Nassau’. Hij was de derde zoon van stadhouder Willem V van Oranje-Nassau (1748-1806) en diens vrouw Wilhelmina van Pruisen (1751-1820). Zijn twee oudere broers, die beide naamloos bleven, waren binnen enkele dagen na hun geboorte gestorven, met als gevolg dat Willem Frederik als derde zoon van zijn vader toch diens opvolger als stadhouder van de Nederlanden leek te worden. Willem Frederik trouwde in 1791 zijn volle nicht Wilhelmina van Pruisen, een zuster van Frederik Willem III, koning van Pruisen.

Erfprins

In 1791 werd de erfprins daarom uitgehuwelijkt aan de zus van de Pruisische koning Frederik Willem III. Willem’s nieuwe echtgenote, en tevens zijn volle nicht, had dezelfde naam als zijn moeder: Wilhelmina van Pruisen (1774-1837). Samen met haar kreeg hij vier kinderen, waarvan de oudste, Willem Frederik George Lodewijk (1792-1849), later uit zou groeien tot de latere koning Willem II. Voor het zo ver kon komen gooiden de politieke ontwikkelingen in Europa echter roet in het eten. In februari 1793 hadden de Franse revolutionairen namelijk de oorlog verklaard aan de Republiek en waren zij de Zuidelijke Nederlanden binnengevallen.


Bataafse Republiek

Willem werd daarop aangesteld als bevelhebber van het veldleger van de Republiek en begon in 1793 aan een militaire campagne in Vlaanderen. De prins toonde zich een kundig generaal en wist onder meer de bevelhebber van het fort van Landrecies tot overgave te dwingen. Het veel grotere Franse leger bleek op de langere termijn echter toch te sterk. Gedurende de winter van 1794-1795 viel de Oud Hollandse Waterlinie en werd de situatie onhoudbaar voor de Orangisten. Op 18 januari 1795 besloten Willem en zijn vader daarom uit te wijken naar Groot-Brittannië. De Nederlandse patriotten grepen dit moment aan om het stadhouderschap af te schaffen en in plaats daarvan de Bataafse Republiek te stichten.


Ballingschap

Ondanks zijn gedwongen vlucht uit de Republiek was prins Willem niet bereid zijn erfelijke rechten op de Nederlanden op te geven. Zo organiseerde hij in augustus 1799 in samenwerking met de Britten en de Russen een invasie van Noord-Holland om het stadhouderlijk gezag te herstellen. Toen deze onderneming mislukte verzocht hij Napoleon in 1801 om hem aan te stellen als ‘eerste consul der Nederlanden’, maar ook dit liep op niets uit. Het bestuur van Holland viel uiteindelijk in handen van Napoleon’s broer Lodewijk, terwijl Willem in 1806 genoegen moest nemen met een compensatie in de vorm van een aantal Duitse gebieden, waaronder Fulsa. Ondertussen was zijn vader, stadhouder Willem V, overleden, waardoor Willem nu aanspraak kon maken op de titel Willem VI en het vorstendom Nassau.

Soeverein Vorst der Verenigde Nederlanden

Pas na het ineenstorten van het Napoleontische Rijk in 1813 zag Willem IV weer een mogelijkheid om terug te keren naar zijn vaderland. Op 30 november 1813 zette hij, op uitnodiging van een aantal Haagse notabelen, in Scheveningen weer voet op Nederlandse bodem. Enkele dagen later werd hij uitgeroepen tot Willem I ‘Soeverein Vorst der Nederlanden’, een koninkrijk dat bij het Congres van Wenen in 1815 nog uitgebreid zou worden met de Oostenrijkse Nederlanden (België). Willem kreeg hiermee recht op de nieuwe titel ‘Koning der Nederlanden’. De Europese mogendheden hoopten zo een sterke Nederlandse staat te creëren die weerstand zou kunnen bieden in het geval van een toekomstige Franse invasie.


Verlicht despoot

Om deze doelstelling te realiseren besloot koning Willem I het land te regeren als een verlicht despoot. De adel en de politiek werden grotendeels aan de kant gezet terwijl de koning alle macht naar zich toetrok. Onder het motto ‘De oude tyden zullen weldra herleeven’ investeerde hij vervolgens flink in nationale projecten op het gebied van de handel, de waterwegen en de industrie. Koopman-koning Willem I was hierbij overigens niet vies van een beetje zelfverrijking. Terwijl een groot deel van zijn bevolking verpauperde groeide zijn eigen vermogen tussen 1815 en 1840 van 10 miljoen naar ruim 200 miljoen gulden.


Belgische afscheiding

Om de eenheid van zijn onderdanen te bevorderen introduceerde Willem bovendien een sterke cultuurpolitiek. Zo voerde hij het metrieke stelsel in en werd het Nederlands de verplichte voertaal in het hele koninkrijk, tot groot ongenoegen van de Franstalige Zuidelijke Nederlanders. Op 25 augustus 1830 brak er daarom een opstand uit in Brussel. Onder het motto ‘Wij willen Willem weg; wilde Willem wijzer wezen, willen wij Willem weer’ maakten de opstandelingen duidelijk dat zij zich niet langer onder het gezag van Willem I schaarden. De koning probeerde met militaire middelen een einde te maken aan de revolte, maar de Tiendaagse Veldtocht liep op niets uit. Willem bleef zich nog lang verzetten tegen de afscheiding, maar zag zich in 1839 toch genoodzaakt de onafhankelijkheid van België te erkennen.


Aftreden en overlijden

Na de afscheiding van België bleek het noodzakelijk om de Nederlandse Grondwet aan te passen. Politici grepen deze mogelijkheid aan om de absolute macht van Willem I te beperken en de ministeriële verantwoordelijkheid in te voeren. Deze machtsbeperking, in combinatie met het verlies van België, bleek te veel voor het eergevoel van Willem I. Op 7 augustus 1840 deed hij daarom afstand van de troon ten gunste van zijn oudste zoon: Willem II. Drie jaar later, op 12 december 1843, overleed Willem I op 71-jarige leeftijd te Berlijn.

Willem II der Nederlanden.

Willem II der Nederlanden Willem II wordt op 7 oktober 1840 de tweede koning van Nederland. Hij trouwt met Anna Paulowna en stemt tijdens zijn regering in met de opstelling van de liberale grondwet van Thorbecke. De negen jaar van het koningschap van Willem II kenmerken zich vooral door de Nederlandse overgang van conservatief naar liberaal.

Huis Oranje-Nassau

Willem Frederik werd geboren op 6 december 1792 te Den Haag. Hij was de zoon van de latere koning Willem I (1772-1843) en diens vrouw Wilhelmina van Pruisen (1774-1837). Na het uitbreken van de Bataafse Revolutie en de afschaffing van het stadhouderschap zagen de leden van het Huis Oranje-Nassau zich genoodzaakt Nederland te ontvluchten.


Huwelijk met Anna Paulowna

Aan het hof van koning Frederik Willem III van Pruisen kreeg de jonge Willem een strenge militaire opleiding. Willem trad in februari 1816 in het huwelijk met Anna Paulowna, de dochter van de Russische tsaar Paul I. Samen kregen zij vijf kinderen, één dochter en vier zoons, waarvan de oudste, Willem Alexander Paul (1817-1890), later werd gekroond als koning Willem III. Naar verluidt was er sprake van een gelukkig huwelijk tussen Willem en Anna, al deden er wel geruchten de ronde over homoseksuele verhoudingen van de erfprins met zijn bedienden.


Belgische Revolutie

Uit berichten rondom het hof bleek dan ook regelmatig dat het niet al te goed boterde tussen Willem I en Willem II. Het kwam zelfs zo ver dat de jonge Willem zich in 1830 opwierp als de verdediger van de autonome Zuidelijke Nederlanden, die zich kort daarvoor met de Belgische Revolutie hadden onttrokken aan het bewind van koning Willem I. De erfprins werd daarop door zijn vader op het matje geroepen en besloot in te binden. In 1831 vocht Willem zelfs tegen de opstandelingen als leider van de Tiendaagse Veldtocht, maar deze succesvolle campagne bleek niet genoeg om de afscheiding van België te voorkomen.


Koning Willem II

Na de abdicatie van zijn vader op 7 oktober 1840 besteeg hij de troon als koning Willem II der Nederlanden. Tijdens het revolutiejaar 1848 braken er in heel Europa liberale opstanden uit tegen het conservatieve koninklijk gezag. Ook Willem II stond op dat moment bekend als een conservatief vorst. De dreiging van een opstand in de Nederlanden deed hem al snel van gedachten veranderen. Naar eigen zeggen ging hij ‘in één nacht van conservatief naar liberaal’ en stemde hij in 1848 in met de opstelling van een nieuwe liberale grondwet door Johan Thorbecke.


Grondwet 1848

Koningin-regentes Emma en koningin Wilhelmina Op 14 november 1890 werd Emma tenslotte door de Saten-Generaal benoemd tot regentes en op 20 november van dat jaar beëdigd. Negen dagen later, op 23 november 1890, overleed Willem III. Hij was 73 jaar oud. Op 4 december werd hij bijgezet. Zijn enige nog levende kind, Wilhelmina, werd op 10 jarige leeftijd benoemd tot koningin. Haar moeder bleef haar regentes totdat Wilhelmina in staat was te regeren.Ondanks dat deze nieuwe constitutie zijn macht aanzienlijk zou beperken, toonde Willem II zich na deze omslag juist een fanatiek voorstander van het wetsvoorstel. Zo hielp hij Thorbecke zelfs om diens nieuwe grondwet succesvol door het parlement te loodsen. Dit kwam de koning op grote kritiek te staan van zijn oudste zoon, de latere Willem III, die niet blij was met het feit dat zijn toekomstige machtspositie nu verzwakt werd. Na een ongelukkige val van een trap in Rotterdam, met als gevolg dat de gezondheid van de koning sterk verslechterde, besloot hij zich terug te trekken in Tilburg. Hier stierf Willem II op 17 maart 1849 op de leeftijd van 56 jaar.

Willem III der Nederlanden.

Willem III der Nederlanden Willem Alexander Paul Frederik Lodewijk, Prins van Oranje-Nassau, was van 1849 tot zijn dood in 1890 Koning Willem III der Nederlanden en Groothertog van Luxemburg. Hij was de zoon van koning Willem II en Anna Paulowna, de zus van de Russische tsaar Alexander I.

Verzoek om afstand van de troon

Willem II had in 1848 ingestemd met de grondwetswijziging van Thorbecke, die een beperking van de koninklijke macht betekende. Willem III had grote moeite met deze bepaling. Hij was van mening om ‘vast als een rots’ zelf te regeren. Uit protest tegen de grondwetswijziging vertrok hij naar Engeland. Hij verzocht op 19 oktober 1848 schriftelijk aan de koning om hem afstand van de troon te verlenen. De koning weigerde zijn verzoek en overleed een jaar later plotseling.

Koning Willem III

De inhuldiging van koning Willem III vond plaats op 12 mei 1849. Tijdens de eerste twintig jaar van zijn regeerperiode koesterde hij een groot wrok tegen de constitutionele monarchie. Dat kwam onder andere tot uiting bij de commotie rond de Aprilbeweging in 1853.

Eerste huwelijk Willem III

Toen Willem 22 jaar oud was, op 18 juni 1839, trad hij in het huwelijk met zijn nicht Sophie van Württemberg. Het huwelijks was niet gelukkig en het echtpaar leefde gescheiden van tafel en bed. Desondanks kregen zij drie zoons. Zijn tweede zoon, Maurits, overleed op 4 juni 1850 in Den Haag op 7-jarige leeftijd. De kroonprins overleed op 11 juni 1879 op 39-jarige leeftijd en zijn jongste zoon liet het leven toen hij 33 was, op 21 juni 1884.

Emma van Waldeck-Pyrmont

In 1877 was ook Sophie overleden. Daardoor was voor Willem de mogelijkheid ontstaan om opnieuw in het huwelijksbootje te stappen. Hij kwam in contact met de 20-jarige prinses van Waldeck-Pyrmont, Adelheid Emma Wilhelmine Therese (Emma). De 61-jarige Willem trouwde met haar op 7 januari 1879. Het paar kreeg één dochter: de latere koningin Wilhelmina.

Koning Gorilla

De laatste jaren van zijn leven, was Willem niet geliefd. Hij was driftig en egoïstisch. Vanwege deze boerse uitvallen werd hij ook wel Koning Gorilla genoemd. Vanaf oktober 1888 nam zijn geestelijke gesteldheid af en was hij uiteindelijk niet meer in staat zelf te regeren.

Koningin-regentes Emma en koningin Wilhelmina

Op 14 november 1890 werd Emma tenslotte door de Saten-Generaal benoemd tot regentes en op 20 november van dat jaar beëdigd. Negen dagen later, op 23 november 1890, overleed Willem III. Hij was 73 jaar oud. Op 4 december werd hij bijgezet. Zijn enige nog levende kind, Wilhelmina, werd op 10 jarige leeftijd benoemd tot koningin. Haar moeder bleef haar regentes totdat Wilhelmina in staat was te regeren.

Wilhelmina der Nederlanden.

Wilhelmina der Nederlanden Ze is de eerste echte koningin van Nederland en probeert tijdens haar koningschap van meer dan 50 jaar haar stempel op de Nederlandse politiek te drukken. Ze speelt tijdens de Tweede Wereldoorlog een belangrijke rol vanuit Engeland in de aansporing van het Nederlandse verzet door haar beroemde radiotoespraken voor Radio Oranje. Wilhelmina Helena Pauline Maria wordt geboren op 31 augustus 1880.

Koning Willem III

Wilhelmina was de enige mogelijke troonopvolger van haar vader koning Willem III. De zoons die hij uit een eerder huwelijk kreeg, stierven allemaal op jonge leeftijd. Uit zijn tweede huwelijk, met Emma van Waldeck-Pyrmont, werd alleen Wilhelmina geboren. Willem III stierf in 1890 en zo werd Wilhelmina al op 10-jarige leeftijd koningin.

koningin-regentes Emma

Aanvankelijk stond Wilhelmina, omdat ze minderjarig was, nog onder toezicht van haar moeder, koningin-regentes Emma. Toen Wilhelmina achttien werd, in 1898, gaf haar moeder al haar taken op. Vanaf dat moment betrok Wilhelmina haar moeder het liefst zo min mogelijk bij haar staatshoofdschap.

Huwelijk met prins Hendrik

In deze tijd woedde de Tweede Boerenoorlog (1899-1902) en de kersverse koningin bekommerde zich om het lot van de Boeren. Hierdoor verwierf ze wel veel respect in de internationale gemeenschap. In 1901 trouwde zij met de Duitse prins Hendrik van Mecklenburg-Schwerin. Het was geen gelukkig huwelijk. De eerste drie keer dat Wilhelmina zwanger raakte, kreeg ze een miskraam. Pas de vierde keer, in 1908, werd hun enige kind geboren: Juliana.

Eerste Wereldoorlog

In de jaren ’10 en 20 van de 20e eeuw ontpopte Wilhelmina zich als een echte soldatenkoningin. Vaak inspecteerde ze op haar paard de troepen. Het leger van Nederland was belangrijk omdat in deze periode de Eerste Wereldoorlog plaats vond. Wilhelmina had vaak moeite met de ministeriële verantwoordelijkheid en had de neiging om op eigen houtje op te treden. Ze stond in deze tijd bekend als een kil en afstandelijk vorst die neerkeek op veel politici.

Tweede Wereldoorlog

Na de inval in Nederland op 10 mei 1940 vertrok zij op 13 mei naar Engeland. Ze ontpopte zich vanuit Londen tot een grote steun en toeverlaat van het Nederlandse verzet. Elke week sprak ze de Nederlandse bevolking toe via Radio Oranje en moedigde de Nederlanders aan zich te blijven verzetten tegen de nazi’s.

Aftreden Wilhelmina

De sterke eensgezinde regering kwam er na de overgave van de Duitsers niet, tot grote teleurstelling van Wilhelmina. Mede hierdoor besloot zij in 1948 ten gunste van haar dochter Juliana af te treden. Hierna trok ze zich bijna geheel terug uit het openbare leven. Wel schreef ze nog een aantal boeken, waaronder een autobiografie. Uiteindelijk stierf Wilhelmina op 28 november 1962 op 82-jarige leeftijd. Ze wordt herinnerd als een standvastig en krachtig vorst.

Juliana der Nederlanden.

Juliana der Nederlanden Prinses Juliana volgde in 1948 haar moeder Wilhelmina op als koningin van Nederland. Juliana verwierf veel populariteit onder de bevolking door haar betrokkenheid bij menselijk leed en haar weinig majesteitelijke houding. Al eerder, in 1937, was zij getrouwd met prins Bernhard, die veel invloed zou uitoefenen binnen de koninklijke familie.

De geboorte van prinses Juliana Louise Emma Marie Wilhelmina prinses van Oranje-Nassau op 30 april 1909 in Den Haag leidde in Nederland tot een ongekende uitbarsting van vreugde. Al hadden velen gehoopt op een zoon als troonopvolger, de opluchting dat er in het Oranjehuis een nakomeling was geboren, won het van de teleurstelling over haar sekse. ‘De hope der natie’, genoemd naar Juliana van Stolberg, kwam acht jaar na het huwelijk van koningin Wilhelmina en prins Hendrik ter wereld. Wilhelmina’s voorafgaande miskramen hadden tot bezorgdheid geleid over het voortbestaan van de dynastie. Wanneer er geen directe afstammeling geboren zou worden, zou er na de dood van Wilhelmina een Duitse prins op de Nederlandse troon komen. In 1922 werd de grondwet zodanig gewijzigd dat dit onmogelijk werd.


Jeugd

Juliana of ‘Jula’, zoals zij thuis en door vriendinnetjes werd genoemd, bleef enig kind. Ze groeide op in paleis Het Loo en in de twee Haagse paleizen: Huis ten Bosch en Noord­einde. Ook haar opvoeding werd getekend door vrees over het voortbestaan van de dynastie. Zo mocht ze vanwege het gevaar van besmetting alleen stevig ingepakt naar buiten en moest ze in de tuin hand­schoentjes aan, voor het geval dat ze een giftige bloem zou plukken. Al trachtte haar moeder haar ‘geliefde kind’ een minder geïsoleerde en vrolijker jeugd te geven dan zij zelf had gehad, de omgeving waarin Juliana volwassen werd, bleef in hoge mate wereldvreemd. Majesteitelijkheid stond voor de Tweede Wereldoorlog nog gelijk aan fysieke en mentale distantie. Aan het hof werd de dagelijkse gang van zaken bestierd door een adellijke hofhouding die zich ver verheven voelde boven de bevolking en zich schrap zette tegen modernisering. Zeker rond Het Loo waren de verhoudingen nog feodaal. Haar emotionele isolement compenseerde de kleine Juliana door een innige gehechtheid aan haar diverse gouvernantes en verzorgsters. Om haar in contact te brengen met leeftijdgenootjes lieten haar ouders haar onderwijzen in een schoolklasje met drie adellijke meisjes. Niettemin kreeg ze vanaf haar elfde privéonderricht omdat ze op haar achttiende gereed moest zijn om de troon te bestijgen. In die jaren kwamen er regelmatig groepen meisjes kamperen in de kroondomeinen rond Het Loo. Juliana had een stevige wil. Ze was eigenzinnig en kon koppig zijn. Zo knipte ze in 1927 tegen de zin van haar moeder haar lange haar af, een daad die toentertijd het streven van vrouwen naar onafhankelijkheid symboliseerde. In diezelfde tijd kreeg ze voor elkaar dat ze mocht gaan studeren. Ze was zeer gesteld op haar goedgemutste maar weinig sophisticated vader. De allengs toenemende spanningen tussen haar ouders wierpen dan ook een schaduw over haar jeugd. Waar haar vader voor Juliana de minder formele en minder op protocol gerichte levensstijl belichaamde waarnaar zij haar leven lang zou verlangen, maakten zijn schuinsmarcheren en geld­smijterij hem voor haar moeder tot een bron van gêne en verdriet. Juliana’s Leidse studietijd (van september 1927 tot februari 1930) was vermoedelijk de plezierigste tijd van haar leven. Ze woonde in Katwijk, in een villa met enkele medestudentes, en genoot met volle teugen van het studentenleven. Als lid van de Vereniging van Vrouwelijke Studenten te Leiden (VVSL) nam ze deel aan velerlei verenigingsactiviteiten; ze liet zich door haar mede-studentes tutoyeren en sloot vriendschappen voor het leven. Clubjes met vriendinnen boden haar tot op hoge leeftijd veilige havens waar ze het gevoel had ‘zichzelf’ te kunnen zijn en even kon vergeten waartoe zij was voorbestemd. Zo was ze een actief lid van toneelclubs, een vrouwendiscussieclub, een bijbelclub en haar Leidse jaarclub De Zestigpoot. In haar studie hield Juliana zich onder meer bezig met godsdienst­fenomenologie, moderne letterkunde, Nederlandse geschiedenis (ze had grote waardering voor het werk van haar hoogleraar J. Huizinga) en volkenrecht, in het bijzonder gericht op de bestuursverhou­dingen in Nederlands-Indië. De Leidse opleiding vertegenwoordigde een relatief progressieve stroming in de Indologie. Eveneens van invloed op Juliana’s levensbeschouwelijke belangstelling waren haar contacten met vrijzinnig christelijke studenten. In ethisch bevlogen kringen als de Nederlandse Christen Studenten Vereniging (NCSV) werd in de jaren 1930 gretig gediscussieerd over antimilitarisme, Volkenbond, oecumene en het streven dat in 1945 de ‘doorbraak’ zou gaan heten: het opheffen van de kloof tussen de godsdienstige en levensbeschouwelijke zuilen.

Huwelijk en oorlog

Na haar studie werd Juliana opnieuw geconfronteerd met de dynastieke dwang tot voortplanting. Zij werd geacht te trouwen; de diplomatieke dienst kreeg tot taak een passende echt­genoot voor haar te vinden (de aanstaande prins-gemaal diende van adel te zijn, protestant, gezond, en in het bezit van enig vermogen). Naarmate meer van de aangedragen kandidaten afvielen, werden de opmerkingen van de merendeels bejaarde adellijke heren inzake haar vermeende onaantrekkelijkheid denigrerender. Hoe de kroonprinses deze vernederende gang van zaken heeft ervaren, weten wij niet. Vast staat dat Juliana zich bij deze koppelpogingen weinig meegaand toonde. Die recalcitrantie smolt weg toen zich tijdens de wintersport van 1936 een jonge Duitse prins aandiende, Bernhard von Lippe-Biesterfeld. Juliana werd verliefd en zij trouwden op 7 januari 1937 in Den Haag. Tijdens hun drie maanden lange huwelijksreis, waarin het jonge paar zich omringde met figuren uit de Europese jetset en zelfs een casino bezocht, onderging Juliana op instigatie van haar man een uiterlijke transformatie. Zij keerde terug als een mondaine jonge vrouw. Het jonge paar vestigde zich op afstand van de Haagse politiek in het centraal gelegen Paleis Soestdijk, waar beiden tot hun dood zouden wonen. Ze lieten het paleis ingrijpend verbouwen. In de rechtervleugel werd een comfortabel gezinshuis ingericht, modern gemeubileerd en voorzien van de nieuwste snufjes zoals elektrisch beweegbare ramen, een bioscoopzaal en in het park tennisbanen en een zwembad. Dat Juliana later ook als staatshoofd niet in Den Haag ging wonen en er één woning op nahield in plaats van een zomer- en een winterresidentie, baarde opzien. Op 31 januari 1938 werd op Soestdijk prinses Beatrix geboren, op 5 augustus 1939 prinses Irene. Na de Duitse inval van 10 mei 1940 vertrokken Juliana en Bernhard en hun dochtertjes ijlings naar Engeland, een dag later gevolgd door koningin Wilhelmina. In Londen werd een regering in ballingschap gevormd. Terwijl Bernhard en de koningin in Londen bleven, werden Juliana en de prinsesjes voor hun veiligheid naar Canada gestuurd. Daar leefden zij in een voorstad van Ottawa met relatief weinig personeel en kwamen Bernhard en Wilhelmina hen af en toe opzoeken. Leven zonder hofhouding betekende voor Juliana een bevrijding. Tegelijkertijd was haar leven in Canada aanmerkelijk minder huiselijk dan wel wordt gedacht. Teneinde de geallieerde zaak te bepleiten onderhield ze contact met de Amerikaanse president F.D. Roosevelt en diens vrouw Eleanor. Verder bezocht ze onder meer Suriname en de Nederlandse Antillen. In 1943 werd in Ottawa prinses Margriet geboren. In april 1945 vestigden Juliana en Wilhelmina zich in Breda. In juni ging Juliana haar dochters ophalen uit Canada en in augustus hernam het herenigde gezin zijn leven op Soestdijk. Daar werd op 18 februari 1947 een vierde dochter geboren, prinses Marijke, die zich later Christina ging noemen. Na haar geboorte bleek dat het jongste prinsesje een ernstige oogafwijking had als gevolg van de rodehond die Juliana tijdens de zwangerschap had opgelopen.

Staatshoofd

De oorlog had een zware tol geëist van de vitaliteit van Wilhelmina (die eigenlijk al in 1938 had willen aftreden). Alvorens Juliana op 4 september 1948 haar moeder opvolgde als koningin, was zij al van 14 oktober tot 1 december 1947 en van 12 mei tot 30 augustus 1948 regentes geweest. Als staatshoofd installeerde Juliana veertien kabinetten. Onder ‘haar’ 136 ministers waren vier vrouwen – een vrouwelijke formateur, (vice-)premier, vice-voorzitter van de Raad van State of voorzitter van Eerste of Tweede Kamer maakte ze niet mee. De eerste vrouwelijke staatssecretaris (er waren er tussen 1948 en 1980 zes naast 103 van het mannelijk geslacht) was in februari 1953 de katholieke ‘mejuffrouw’ Anna de Waal. Juliana beëdigde haar, naar ze zelf ooit vertelde, met ‘de laarzen aan’, omdat ze onderweg was naar de Zeeuwse watersnoodramp. Juliana’s optreden gedurende die ramp (met een hoofddoek om en inderdaad in kaplaarzen) symboliseert haar positie: betrokken bij menselijk leed en liefst zo onopvallend mogelijk te midden van haar landgenoten. Ze schafte de reverence af en liet zich aanspreken als ‘mevrouw’. Die weinig majesteitelijke houding bezorgde haar op den duur een immense populariteit. Juliana’s populariteit lijkt niet te hebben geleden onder het feit dat haar 32-jarig koningschap werd getekend door een opeenvolging van crises en conflicten. Op het moment dat zij aantrad was Nederland verwikkeld in een wrede koloniale oorlog met de republiek Indonesia, het voormalig Nederlands-Indië. Juliana tekende in 1949 de akte van soevereiniteitsoverdracht. De afwikkeling van de Tweede Wereldoorlog bracht haar in conflict met het kabinet. Zij weigerde in 1952 in te stemmen met het voorstel van minister van Justitie H. Mulderije om geen gratie te verlenen aan de ter dood veroordeelde oorlogsmisdadiger W. Lages. Hoewel het hele kabinet Mulderije steunde, bleef Juliana bij haar weigering. Verkiezingen voorkwamen een constitutionele crisis. De na de verkiezingen aangetreden minister L.A. Donker ging met tegenzin akkoord met het standpunt van de koningin. Lages kreeg gratie. In datzelfde jaar botste Juliana met de ministerraad en haar man over de redevoeringen die zij in april wilde uitspreken tijdens haar tournee door de Verenigde Staten. Met hun hoog pacifistische gehalte stonden de door haarzelf geschreven redevoeringen haaks op de regeringspolitiek, die overeenkomstig de politiek van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO) een onverzoenlijke houding voorstond tegenover de totalitaire dreiging vanuit de Sovjet-Unie en haar satellietstaten. Dit gaf ook echtelijke spanningen: prins Bernhard weigerde mee op reis te gaan als Juliana deze speeches zou uitspreken. De minister van Buitenlandse Zaken achtte het gedrag van Juliana inconstitutioneel aangezien haar redevoeringen onder de ministeriële verantwoordelijkheid vielen. Desondanks kreeg Juliana in hoge mate haar zin. Nauw hiermee samenhangend was de affaire rond Juliana’s vriendschap met Greet Hofmans, de pacifistische gebedsgenezeres die Juliana en Bernhard – tevergeefs – hadden geconsulteerd in verband met de oogafwijking van prinses Marijke. Waarschijnlijk werd Juliana’s innige band met Hofmans mede gevoed door haar eenzaamheid ten gevolge van de uithuizigheid en ontrouw van haar man. De vriendschap met Hofmans verstoorde Juliana’s relaties tot man en dochters. Nadat Bernhard in 1956 de openbaarheid had gezocht, werd een commissie van drie heren ingesteld (de commissie-Beel) die het koninklijk paar zou helpen de huwelijksproblemen op te lossen. Echtscheiding, door Juliana gewenst, was in die jaren nog taboe, zeker onder katholieken (zoals de commissievoorzitter, voormalig premier L.J.M. Beel). De uitkomst van deze interventie was een bittere nederlaag voor de koningin: zij werd gedwongen haar omgang met Hofmans te staken; Hofmansgezinde leden van de hofhouding werden ontslagen. Enkele jaren later leidden de huwelijken van Juliana’s twee oudste dochters tot grote onrust. Prinses Irene verloofde zich met de Spaanse troonpretendent Carel-Hugo de Bourbon Parma en ging over tot het rooms-katholieke geloof. Zij zag af van parlementaire toestemming voor haar huwelijk en trouwde in 1964 in Rome buiten aanwezigheid van haar ouders en zusters. De verloving van Beatrix met Claus von Amsberg, een Duitser die bij de Wehrmacht had gediend, leidde tot protesten en tot bezorgdheid onder het voormalig verzet Bij het huwelijk in 1966 in Amsterdam gooide linkse jeugd rookbommen naar de koets van het jonge paar. In 1976 ten slotte rees de verdenking dat prins Bernhard steekpenningen had aangenomen van de Amerikaanse vliegtuigfabriek Lockheed. De prins moest zijn functie als Inspecteur-Generaal der Krijgsmacht neerleggen, mocht in het openbaar niet langer zijn militaire uniform dragen en mocht geen functies meer bekleden in het bedrijfsleven. Juliana stelde zich in deze zaak loyaal op jegens haar echtgenoot. Aangenomen wordt dat Bernhard aan strafrechtelijke vervolging ontkwam doordat zijn vrouw had gedreigd in dat geval af te treden. Na haar aftreden bleef prinses Juliana nog enkele jaren actief betrokken bij zaken die haar speciaal aan het hart gingen, zoals de zorg voor ouderen en gehandicapten. Vanaf 1999 verscheen zij wegens dementie niet meer in het openbaar. Prinses Juliana stierf op 20 maart 2004 op paleis Soestdijk en werd op 30 maart bijgezet in de grafkelder van de Oranjes in de Nieuwe Kerk van Delft. Net als haar ouders had ze bepaald dat zij in het wit zou worden begraven. Zij wilde daarmee uitdrukking geven aan haar overtuiging dat de dood de overgang markeert naar een nieuw leven. Overeenkomstig haar nadrukkelijke wens werd de herdenkingsdienst bovendien geleid door een vrouw, de remonstrantse predikante Welmet Hudig-Semeijns de Vries van Doesburgh.

Betekenis

Juliana heeft haar taak als staatshoofd nooit ten volle aanvaard. Zij heeft altijd een grote spanning ervaren tussen haar ‘zelf’ en haar koningschap. Anders dan haar moeder viel zij als persoon niet samen met haar rol als monarch. Anders dan haar man had zij een stekelige relatie tot de pers, die met de democratisering en de groeiende openheid steeds dieper doordrong in het privéleven van de koninklijke familie. Dankzij de breed gerespecteerde oorlogsrol van haar moeder werd Juliana door de bevolking in de armen gesloten. Waar Wilhelmina een echte oorlogskoningin was geweest, ‘de moeder van het verzet’, werd Juliana de koningin van de wederopbouw. De belangstelling voor sociale vraagstukken waarvan ze al in de jaren 1930 blijk gaf, paste bij het tijdsgewricht waarin de verzorgingsstaat werd uitgebouwd. Datzelfde gold voor haar behoefte aan contact met ‘gewone’ mensen. Dat de sociaal-democratie na de oorlog tot een aanvaarde regeringspartner werd, had de warme steun van de koningin. Net als haar beide ouders had Juliana een sterke hang naar godsdienst en mystiek, en evenmin als zij liet zij zich in haar religiositeit beperken door de leer van de Nederlandse Hervormde kerk, waarvan de koninklijke familie vanouds lidmaat is. Zij toonde zich geïnspireerd door oosterse wijsgeren en new age filosofieën, geloofde in astrologie, reïncarnatie en vliegende schotels, en verbaasde het Nederlandse publiek door bij het huwelijk van haar kleinzoon Maurits in 1998 ter communie te gaan. Haar echtgenoot was Juliana’s achilleshiel. Hun verhouding berustte harerzijds op het misverstand dat zij en hij dezelfde opvattingen hadden over vorm en inhoud van een modern koningschap. Ook in affectieve zin was de relatie asymmetrisch. Tot haar dood op 20 maart 2004 toe heeft Juliana gehoopt dat Bernhard evenveel van haar zou houden als zij van hem.

Beatrix der Nederlanden.

Beatrix der Nederlanden Op 28 januari 2013 maakte Beatrix bekend dat ze 30 april aanstaande af zal treden als koningin der Nederlanden. De aankondiging komt slechts enkele dagen voor haar 75ste verjaardag op donderdag 31 januari 2013. Gedurende haar leven maakte Beatrix van alles mee, van haar vlucht naar Canada in 1940 tot de geboorte van haar eerste kleinkind Eloise in 2002. Een biografie van Beatrix, koningin der Nederlanden.

In juni 1937 kondigden prins Bernhard en prinses Juliana aan dat zij in verwachting waren. Er brak meteen een jubelstemming uit onder de Nederlandse bevolking, want het hele land keek reikhalzend uit naar een nieuwe prins of prinses. De koninklijke familie bestond op dat moment namelijk nog maar uit drie personen. Op maandagochtend 31 januari 1938 om 09.47 was het eindelijk zo ver en beviel Juliana van een gezonde dochter. De nieuwste telg van de familie Oranje-Nassau kreeg de doopnamen Wilhelmina en Armgard en de roepnaam Beatrix, dat ‘zij die gelukkig maakt’ betekent.


Vlucht naar Canada

Enkele maanden na de tweede verjaardag van Beatrix begon operatie ‘Fall Gelb’ en viel Duitsland de Lage Landen binnen. Om te ontkomen aan het oorlogsgeweld vluchtte Beatrix samen met Juliana en haar jongere zusje Irene vanuit Nederland naar Engeland. Toen dat land niet veel later ook te gevaarlijk bleek werd besloten nog verder uit te wijken naar Ottawa in Canada. Hier ging Beatrix naar de peuter- en basisschool en kreeg ze in 1943 gezelschap van een jonger zusje: prinses Margriet. In de zomer van 1945 keerde het gezin vervolgens weer terug naar het vaderland, waar ze zich vestigden op Paleis Soestdijk te Baarn en in 1947 prinses Christina verwelkomden.

Studententijd

In Nederland hervatte Beatrix haar opleiding in eerste instantie aan de ‘Werkplaats Kindergemeenschap’, een vooruitstrevende onderwijsinstelling van de Nederlandse pedagoog en onderwijsvernieuwer Kees Boeke. Later kreeg ze ook nog les aan het Incrementum, een speciale dependance van het Baarnsch Lyceum. Daar behaalde Beatrix in 1956 op achttienjarige leeftijd haar Gymnasium-A diploma. Tevens werd ze datzelfde jaar vanwege haar positie als ‘vermoedelijk troonopvolgster’ benoemd tot lid van het Raad van State. Na afronding van haar middelbare school vervolgde Beatrix haar opleiding aan de Universiteit van Leiden, waar ze colleges volgde in de vakken staatsrecht, rechtswetenschap, (parlementaire) geschiedenis, toegepaste sociologie en economie. Tevens nam ze onder grote publieke belangstelling haar intrek in een statig pand aan de Rapenburg, de bekendste gracht van Leiden. Beatrix kreeg in deze periode de bijnaam ‘Prinses Glimlach’ vanwege haar vrolijke humeur. In 1959 haalde ze haar kandidaatsexamen rechten en twee jaar later slaagde ze voor het doctoraalexamen in een vrije studierichting. Beatrix nam vervolgens afscheid van Leiden en verhuisde in 1963 naar Kasteel Drakensteyn te Baarn.

Claus von Amsberg

Op 1 mei 1965 werd Beatrix in de tuin van kasteel Drakensteyn gefotografeerd terwijl ze hand-in-hand liep met een onbekende man. Er ontstond grote ophef toen duidelijk werd dat het ging om Claus von Amsberg, een Duitse jonkheer die (verplicht) in de Hitlerjugend had gediend. Slechts twintig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog lagen dit soort zaken nog uiterst gevoelig in Nederland, maar na verloop van tijd wisten Beatrix en Claus het land toch te overtuigen van hun liefde. Twee maanden later, op 28 juni 1965, maakte koningin Juliana namens het paar hun verloving bekend. Beatrix en Claus trouwden op 10 maart 1966 te Amsterdam, waar tijdens de rondrit door de stad uit protest een rookbom naar de Gouden Koets werd gegooid.

Huwelijk met prins Claus

Het gelukkige huwelijk van Beatrix en Claus werd al snel gezegend met de geboorte van drie zoons: Willem-Alexander (27 april 1967), Johan Friso (25 september 1968) en Constantijn Christof (11 oktober 1969). Het jonge gezin bracht de daaropvolgende jaren zo veel mogelijk in afzondering door op Kasteel Drakensteyn, waar Beatrix zich grondig voorbereidde op haar toekomstige taken als koningin der Nederlanden. Zo vatte zij onder meer het plan op om de koninklijke hofhouding grondig te moderniseren. Vermoedelijk kwam dit idee voort uit de Lockheed affaire, een schandaal waarmee haar vader prins Bernhard ernstig in verlegenheid was gebracht.

Kroning te Amsterdam

Nadat koningin Juliana op 31 januari 1980 haar aftreden aankondigde, werd Beatrix op 30 april van datzelfde jaar in Amsterdam ingehuldigd als koningin der Nederlanden. Het had een feestelijke aangelegenheid moeten worden, maar door de economische situatie was er sprake van grote onrust in de hoofdstad. Met leuzen als ‘geen woning, geen kroning’ protesteerde de krakersbeweging tegen de kroning van Beatrix en al snel braken er grootschalige rellen uit. Het eerste officiële optreden van Beatrix was daarom een bezoek aan de gewonde ME’ers in het ziekenhuis de volgende dag.

Strak imago

In haar eerste jaren in Paleis ten Bosch in den Haag kwam koningin Beatrix over als ‘zakelijk’ en ‘afstandig’. In 1988 verklaarde ze dit in een interview door te stellen dat ze in die periode niet zozeer bezig was met hoe ze het volgens de publieke opinie deed, maar ze vooral zorg droeg dat alles ceremonieel klopte. Na enkele jaren wist Beatrix zich echter van dit vaste stramien te ontworstelen en kreeg ze een meer betrokken en toegankelijk imago. Zo bracht ze op Koninginnedag in 1988 een verrassingsbezoek aan de Vrijemarkt, waar ze spontaan een kus kreeg van een enthousiaste Amsterdammer. Verder toonde ze in 1992 eveneens haar betrokkenheid bij de slachtoffers van de Bijlmerramp en bezocht ze een jaar later in haar regenlaarzen het door overstromingen getroffen Limburg.

Controverses

Aan het begin van de twintigste eeuw werd Beatrix geconfronteerd met een reeks verdrietige en pijnlijke situaties. Op 2 oktober 2002 verloor ze haar man Claus en twee jaar later kwamen ook haar beide ouders, koningin Juliana en prins Bernhard, te overlijden. Bovendien werd het Nederlandse koningshuis in deze periode geplaagd door een reeks schandalen, waaronder de Zorregieta affaire (1999), de Margarita affaire (2003) en Mabelgate (2003). Dezelfde periode kende echter ook positieve momenten, waaronder het huwelijk van Willem-Alexander met Maxima (2002) en de geboorte van haar eerste kleinkind Eloise (2002). Beatrix bleef ook in deze moeilijke tijden zeer open naar het publiek. Zo deelde ze op 30 april 2009, slechts enkele uren na de aanslag op Koninginnedag in Apeldoorn, via een televisietoespraak haar persoonlijke ontzetting met het Nederlandse volk. Een soortgelijke aanpak hanteerde ze in februari 2011, toen duidelijk werd dat prins Friso na een skiongeluk in Oostenrijk in coma was geraakt. Een emotionele Beatrix sprak op nationale televisie haar dank uit voor alle steun die ze had ontvangen vanuit de gehele bevolking.

Aftreden

Op maandagavond 28 januari 2013 maakte Beatrix bekend dat ze op 30 april af zal treden als koningin ten gunste van haar zoon, de toekomstige koning Willem-Alexander. Meteen na deze bekendmaking werd er in de politiek en in de media alom lof gesproken over de regeerperiode van koningin. Volgens de experts is Beatrix er met haar onuitputtelijke werklust en oprechte betrokkenheid uitermate goed in geslaagd om de Nederlandse monarchie door een lastige periode in de geschiedenis heen te loodsen.

Willem-Alexander der Nederlanden.

Willem-Alexander der Nederlanden Sinds 30 april 2013 heeft Nederland na een aantal decennia van koninginnen weer een koning: Willem-Alexander Claus George Ferdinand. Onder de vleugels van zijn moeder Beatrix leerde hij de fijne kneepjes van het vak. Hoewel Willem-Alexander tijdens zijn studententijd de bijnaam ‘Prins Pils’ kreeg, leerde Nederland hem de laatste jaren kennen als fanatiek sportliefhebber en betrokken koning.


Willem-Alexander Claus George Ferdinand werd geboren op 27 april 1967 in het Academisch Ziekenhuis Utrecht. Zijn vroege jeugd bracht hij door op Kasteel Drakensteyn in Lage Vuursche. Al snel kreeg hij er twee broertjes bij: prins Friso in 1968 en een jaar later prins Constantijn. Zijn lagere schooltijd bracht hij door op de Nieuw Baarnse School. Later ging hij naar het Baarnsch Lyceum en toen zijn moeder in 1980 koningin werd, verhuisde het gezin naar Paleis Huis ten Bosch in Den Haag. Hij vervolgde zijn middelbare schoolopleiding aan het Eerste Vrijzinnig Christelijk Lyceum, eveneens in Den Haag.

Marine

Willem-Alexander wilde tijdens zijn pubertijd graag het huis uit, waar zijn ouders uiteindelijk mee instemden door hem het laatste jaar van de middelbare school aan het Atlantic College in Wales te laten volgen. Daar behaalde hij in 1985 zijn Internationale Baccalaureaat, wat vergelijkbaar is met een Nederlands VWO-diploma. Voordat hij ging studeren besloot Willem-Alexander in dienst te gaan bij de marine. Over deze tijd zegt hij: “Dat is voor mij mijn vorming geweest. Het was echt even noodzakelijk voor mij om even goed aangepakt te worden”. Na twee jaar ging hij weg bij de marine en besloot hij geschiedenis te gaan studeren aan de universiteit Leiden.

Emily Bremers

Voor zijn studie vertrok Willem-Alexander naar Leiden, waar hij met drie huisgenoten in een studentenhuis ging wonen aan het Rapenburg 116. Opvallend was dat hij in de tuin kippen en een haan hield. De bewoonsters van het naastgelegen Minerva-meisjeshuis ‘Het Kippenhok’ klaagden regelmatig over het gekraai van de haan. In 1994 leerde hij in Leiden rechtenstudente Emily Bremers kennen, die woonde in het meisjeshuis ‘Het Heksenpand’ op Rapenburg 52. In eerste instantie leek het om de gebruikelijke geruchten te gaan, tot de relatie in 1995 bevestigd werd, doordat ze samen betrokken raakten bij een verkeersongeval, onderweg naar een skivakantie. Bij de 60e verjaardag van koningin Beatrix in 1988 was ze aanwezig, maar enkele maanden later strandde de relatie.

Prins Pils

Misschien niet helemaal terecht kreeg hij in zijn studententijd de bijnaam ‘Prins Pils’. Naast de gezellige avonden op sociëteit was hij wel degelijk geïnteresseerd in zijn studie. Zijn toenmalig studiebegeleider, hoogleraar Henk Wesseling, zei dat deze naam ‘onlogisch was voor iemand die zoveel sportte’. Verder hield hij zich in deze tijd bezig met de vliegerij en behaalde hij zijn vliegbrevet bij de Rijksluchtvaartschool. Hij studeerde af met een zeven voor zijn scriptie over de vroegere Franse president Charles de Gaulle en diens houding ten opzichte van de NAVO.

Waterbeheer

Na zijn afstuderen in 1993 begon zijn opleiding tot koning pas echt. Regelmatig vertegenwoordigde hij toen al het koningshuis bij binnen- en buitenlandse activiteiten en nam hij zitting in de Raad van State. Na zijn studie ging hij zich specialiseren in het waterbeheer, op aanraden van zijn vader prins Claus. Zelf meende hij hier ‘echt een gebied gevonden te hebben waar ik me in vast wil bijten’. Het bleek een goede keuze te zijn die zijn reputatie in binnen- en buitenland ten goede kwam. In deze tijd woonde hij aan Noordeinde 66, vlakbij het werkpaleis van zijn moeder, koningin Beatrix. In 1998 werd hij lid van het Internationaal Olympisch Comité, waar hij zich onder andere inzette voor sportmogelijkheden in Afrika.

Maxima Zorreguieta

Net als destijds bij Emily Bremers, kreeg elk meisje dat met Willem-Alexander in het openbaar gespot werd, door de media de stempel ‘potentiële huwelijkskandidaat’. In 1999 ontmoette hij Maxima Zorreguieta tijdens een feest in Sevilla. Tijdens een vakantie in Argentinië, die Maxima samen met de Kroonprins doorbracht, ontstonden in de Nederlandse pers de eerste speculaties over een mogelijke relatie. Kort nadat de relatie echt bekend was, kwam de Nederlandse pers er achter dat Maxima’s vader, Jorge Zorreguieta, onder het bewind van Videla staatssecretaris van Landbouw geweest was. Dit regime stond ook wel bekend om de ‘Vuile Oorlog’. Tijdens een bezoek aan New York deed Willem-Alexander een poging aan journalisten duidelijk te maken dat zijn schoonvader geen ‘vuile handen had’, oor te verwijzen naar een ‘open bron’ waar dit uit opgemaakt kon worden. Deze bron bleek een ingezonden brief van generaal Videla te zijn.

Huwelijk

Tijdens de bekendmaking van hun verloving noemde Maxima deze uitspraak van haar aanstaande echtgenoot ‘een beetje dom’. Uiteindelijk trouwden de twee in de Nieuwe Kerk in Amsterdam op 2-2-2002. De datum was goed gekozen, want ondanks zijn zwakke gezondheid kon prins Claus de plechtigheid bijwonen. Nog datzelfde jaar overleed hij. Een jaar later, in 2003, werd Willem-Alexander vader van zijn eerste dochter, Amalia. Later beviel Maxima nog van twee dochters, Alexia in 2005 en Ariane in 2007. In 2009 ontstond er ophef over de bouw van een vakantievilla voor het Koninklijke paar in Mozambique. Volgens historica Dorine Hermans was het voor Willem-Alexander niet verkeerd dat deze controverse er was: “Het leerde hem hoe het niet moet.”

Koning Willem-Alexander

Op 28 januari 2013 maakte koningin Beatrix bekend dat zij op 30 april 2013 af zou treden ten gunste van Willem-Alexander. Hij nam niet de naam Willem IV aan, maar bleef Willem-Alexander gebruiken tijdens zijn koningschap. In zijn eerste twintig maanden als koning moest Willem-Alexander omgaan met verschillende situaties. Tijdens de Olympische Spelen in Sotsji dronk hij in het Holland House een biertje met Poetin, die onverwachts langs kwam. Dat Nederland überhaupt zo’n zware delegatie naar Sotsji stuurde stuitte al op veel kritiek. Het proosten met Poetin liet deze kritiek op de aanwezigheid van de koning alleen maar toenemen. Hier tegenover staat zijn optreden kort na de vliegramp met MH17. Met zijn emotionele toespraak oogstte hij veel lof. Ook profileerde Willem-Alexander zich tijdens zijn koningschap erg sterk als ‘sportkoning’. Zo is hij regelmatig te zien op de tribune bij schaats-, voetbal- en andere sportwedstrijden van Nederlandse teams. Hij werd na zijn aantreden als koning benoemd tot erelid van het Internationaal Olympisch Commité vanwege zijn inzet in zijn jaren als prins voor de Nederlandse sport. Het is nog te vroeg om de koning te beoordelen op zijn prestaties, maar de eerste testen lijkt hij doorstaan te hebben.

GOTOTOP Bovenaan de pagina